Nog meer vragen rond de Brusselse aanslagen

In het vorig artikel ‘Zoveel vragen rond de Brusselse aanslagen’werd melding gemaakt van een uitgebreid intervieuw van Tanguy du Bus de Warnaffedat door het Franse ‘Sapeurs-Pompiers de France’ in haar mei-nummer van 2016 gepubliceerd werd.

Het lijkt om meerdere redenen interessant om op het artikel wat uitgebreider terug te keren.

Nota: onderaan dit artikel is er een nederlandse vertaling voorzien.

Afbeelding van het artikel met voor de duidelijkheid de uitvergroting van de begeleidende tekst van de afbeelding.

De titel: ‘De hulpdiensten hebben voorbeeldig werk geleverd’.

Om te beginnen is de titel van het artikel ‘De hulpdiensten hebben voorbeeldig werk geleverd’ misleidend daar het artikel niet over het werk, laat staan het ‘voorbeeldige werk’ van de hulpdiensten gaat op één vermelding van een metrobestuurder na, maar het verhaal brengt aan de hand van een strakke tijdlijn van meneer du Bus de Warnaffe zelf op 22 maart 2016 zonder ook maar één vraag naar bevestigend materiaal voor dat verhaal.

Die tijdlijn bijvoorbeeld is er om de indruk van exactheid te suggereren van het verhaal dat du Bus de Warnaffe brengt, zonder de minste bevestigende aanwijzingen maar  waarin prominent veel ankerwoorden (kamikazes – een ware slachting – ‘doorzevende’ bommen gevuld met bouten, metalen staven... – zoveel mogelijk slachtoffers maken – volledig opgereten wagon - bommengordels....)  verwerkt zijn, die de lezer onbewust emotioneel moeten aanzetten om te proberen met zijn verbeelding een zelfgemaakt bevredigend imaginair beeld samen te stellen waarin hij zichzelf gevangen zet, louter op basis van die ankerwoorden.

Wie een klein beetje met NLP (Neuro-Linguistisch- Programmeren) vertrouwd is herkent vrij gemakkelijk de hier gebruikte technieken.

De nonsens van de ‘cartografie’ van het Maalbeek-station

Aan het einde van het artikel in ‘Sapeurs-Pompiers de France’over Tanguy du Bus de Warnaffe wordt een afbeelding met begeleidende tekst geplaatst waarnaar in de tekst herhaaldelijk verwezen wordt.

Uitvergroting van de betreffende afbeelding.

De begeleidende tekst luidt:

“Na de aanslagen van Madrid (11 maart 2004) en Londen (7 juli 2005) heeft de Siamu (Brandweer-Medsche Spoeddiensten) van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest beslist om een volledige cartografie op te maken van elk metrostation. Hier deze van Maalbeek die de verschillende uitgangen toont en de inplanting van de VMP’s  boven en beneden (PMA bas – PMA haut), op 22 maart 2016”

De afbeelding zelf

Wat onmiddellijk opvalt is het verschil in resolutie van de tekstblokken ‘PMA haut’ / ‘PMA bas’ en de rest van de afbeelding.

Duidelijk verschil in resolutie

Bij het kopiëren van de tekst van het oorspronkelijk artikel wordt het duidelijk dat de tekstblokken ‘PMA haut’ / ‘PMA bas’ en ‘Siamu-Brandweer / STIB-MIVB’ bij de tekstlayer horen en als dusdanig op de luchtfoto geplaatst zijn. Bij het kopiëren van de afbeelding zelf worden de tekstblokken niet meegekpoieerd.

De tekstblokken en de luchtfoto zijn dus volledig separate elementen. 

 Oplichtende tekstblokken bij het kopiëren van de tekst separaat van de luchtfoto

Beeld van de kopie van de oorspronkelijke afbeelding uit het artikel waarbij de tekstblokken niet kunnen meegekopieerd worden.

 Die afbeelding werd dus specifiek gemaakt voor deze publicatie en niet zoals de begeleidende tekst aangeeft, als zijnde de ‘volledige cartografie van het metrostation Maalbeek, opgemaakt door de Siamu-Brandweer na de aanslagen van Madrid en Londen.

Metrouitgangen

De afbeelding moet de metrouitgangen en de VMP’s situeren.

Eerst en vooral is de metrouitgang, aangegeven als 4M niet de eigenlijke uitgang die zich 65m verderop situeert aan de rugzijde  van het kantoorgebouw aan de Wetstraat ( met rode pijl aangeduid in onderstaande afbeelding). De geel aangeduide zone is open ruimte die volgens de bouw-en exploitatievergunning voldoet aan de wettelijke normen van toegankelijkheid voor brandweer- en hulpdiensten in geval van noodsituaties.

De rode pijl duidt de werkelijke metrouitgang aan en de in het geel aangegeven zone is de open ruimte tussen metrouitgang en de Jozef II straat.

 

 Afbeeldingen van de metrouitgang aan de rugzijde van het kantoorgebouw aan de Wetstraat

Daarbij is het merkwaardig dat onder de tonnen beeldmateriaal van 22 maat 2016 geen beelden te vinden zijn van deze metrouitgang met slachtoffers en gewonden terwijl deze de meest evidente vluchtroute is. (zie vorig artikel Zoveel vragen rond de Brusselse aanslagen’). Daartegenover zijn er de talloze straatbeelden in de Jozef II straat.

Één van de tonnen vertrouwde mediabeelden in de Jozef II straat

De jongeman in deze scene in de Jozef II straat, die in bovenstaande afbeelding in het rood omrand is, verschijnt ook toevallig  in deze videoopname waarin hij figureert als een crisisakteur die eerst naar een schijnbaar verkeerde lokatie geleid wordt  om dan plots weggestuurd te worden - een zoveelste aanwijzing dat we hier met louter straattheater te maken hebben. 

Een screenshot uit de bewuste video

Situering van VMP’s

De tweede functie van de afbeelding in het artikel is om de VMP’s te situeren.

Context en chronologie

Na 22 maart 2016 werden er door onderzoekers vragen gesteld rond gepubliceerde beelden van het evacueren van slachtoffers uit het metrostation via een EU-kantoorgebouw dat geen verbinding heeft met het metrostation, zoals hier bijvoorbeeld in het op 6 april 2016 gepubliceerde artikel: Foto evacuatie metrostation Maalbeek ?

Tot dan toe was er enkel sprake van allerlei lokaties waar slachtoffers en gewonden opgevangen en verzorgd werden oa. het CV&D hoofdkwartier, het Résidence Palaçe complex...tot du Bus de Warnaffe in dit artikel op de proppen komt met een VMP-beneden in dat EU-kantoorgebouw. Net op tijd voor zijn verschijning op 29 mei 2016 voor de onderzoekscommissie.

"De uitleg krijgen we op dit moment denk. De brandweercommandant ter plaatse geeft uitleg. Er zijn twee plaatsen waar slachtoffers zijn verzameld. En het gebouw van de europese commissie was er één van. Ik lees in zijn tekst: “Il a ouvert et creéun PMA dans le bâtiment de coin chée d’Etterbeek et rue Jospeh II, bâtiment de bureaux de la commission européenne”.

Daar is dus de tweede vooruitgeschoven medische post ingericht."

Voor de rest heeft de onderzoekscommissie er geen moeite mee om zijn getuigenis als ongeloofwaardig te bestempelen maar die lokaties van VMP’s die ze zopas voorgeschoteld krijgen staan buiten kijf.

"Uit het werk van de onderzoekscommissie bleek overigens dat Tanguy du Bus de Warnaffe niet direct de meest betrouwbare getuige was. Hij heeft een soort persoonlijk oorlogje uitgevochten tegen de brandweer van zaventem en de dienst 112 van Leuven. Zijn verklaringen zijn inderdaad met een korrel out te nemen en nemen wij als commissie niet echt ernstig. "

Wellicht een handige manier om van het vervelend probleem met die ‘evacuatie-foto’s’ af te raken, ware het niet dat medisch gezien die VMP’s geen enkele zin hebben en zeker niet om er de zwaarst gewonden eerst in onder te brengen vooraleer te transporteren naar de spoedopname (tijd is priomordiaal) en met een hele vloot ambulances werkloos ter plaatse. Volgens du Bus de Warnaffe, in zijn eigen woorden, waren er een 10-tal zeer zwaar gekwetsten (urgence absolu) in die VMP-beneden ondergebracht.

Nog een beetje NLP er bovenop

De begeleidende tekst die bij de afbeelding hoort is verder opnieuw een voorbeeld van NLP-technieken.

“Na de aanslagen van Madrid (11 maart 2004) en Londen (7 juli 2005) heeft de Siamu (Brandweer-Medsche Spoeddiensten) van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest beslist om een volledige cartografie op te maken van elk metrostation. Hier deze van Maalbeek die de verschillende uitgangen toont en de inplanting van de VMP’s  boven en beneden (PMA bas – PMA haut), op 22 maart 2016”

Met ankerwoorden als de ‘false flag’ aanslagen van Madrid en Londen en de Brusselse Brandweer- en Medische Spoeddiensten die dan zelf het initiatief nemen om ‘een volledige cartografie’ op te maken van ‘elk metrostation’ kan niet anders dan een positief en vertrouwenwekkend imago oproepen.

Dat de gemaakte suggestie als zouden die diensten niet over exacte plannen beschikken volledig uit de lucht gegrepen is weet iedereen die enigzins met architectuur vertrouwd is en zeker voor wat publieke gebouwen en infrastrukturen betreft. Sinds jaar en dag gebeurt het opmaken van bouw- en exploitatiedossiers procedureel in nauw overleg met de Brandweer- en Hulpdiensten voor alles wat hun domein aanbelangt en dat tot in de kleinste details.  

Nederlandse tekst van het artikel in ‘Sapeurs-Pompiers de France’ – mei-nummer 2016

Commandant Tanguy du Bus de Warnaffe

« De hulpdiensten hebben voorbeeldig werk geleverd. »

Naast hoger officier bij de Siamu (Brandweer en Medische Spoeddienst) sinds 1989 is commandant Tanguy du Bus de Warnaffe sinds 2007 vijwilliger brandweerman in Zaventem. Deel uitmaken van het korps van brandweerlieden is een ware roeping voor deze ingenieur die vanaf zijn 16° als vrijwilliger het Rode Kruis vervoegde.

Als directeur van de operationele PC gedurende de aanslagen van 22 maart (definitieve balans: 32 doden, (zonder de kamikazes) en 340 gewonden) is hij één van de enigen die tussenbeide gekomen is op de twee getroffen sites.

Exclusief hebben wij dag op dag drie weken na de feiten zijn getuigenis kunnen horen.

Dinsdag 22 maart. Zoals elke morgen is de ploeg van wacht zich aan het verzamelen op de koer van de generale staf wanneer er een eerste – kernachtige - melding op de dispatching komt: “Meerdere explosies op de luchthaven”. Wanneer de dispatching mij om 8h15 contacteert geef ik onmiddellijk bevel om een ‘standard zending’ te laten vertrekken: een pompauto, een citernekamion van de kazerne Zaventem, de gemeente waar de gebeurtenis zich afspeelt; een ladderwagen, een pompauto, drie ziekenwagens waarvan één bedoeld voor ‘’brand’-interventies, een hulpkamion en een commandovoertuig (officier van wacht) van de generale staf. De lokale ziekenwagens, en de MUG’s van Leuven en de Brusselse hospitalen begeven zich gelijktijdig ter plaatse. Op dat ogenblik verneem ik dat het om een aanslag gaat met heel veel slachtoffers. Ik beslis dan om mij ter plaatse te begeven ook al valt de luchthaven buiten de zone (Zaventem).

Onderweg maak ik over de radio een balans op en vraag vijf bijkomende ziekenwagens. Ik kom rond 8h30 ter plaatse en stel vast dat de politie de toegang tot de luchthaven reeds afgesloten heeft; een groot aantal wagens zijn gebokkeerd en de reizigers lopen op de weg met hun bagage.

Om 8h35 bereik ik de vertrekhal waar de aanslagen zijn gebeurd. Het is moeilijk om te beschrijven wat ik zie. Een ware slachting.

Met de afstand, denk ik dat het feit van bij het Rode Kruis te zijn geweest, mijn 27 jaar ondervinding als brandweerman en de NRBC oefeningen op ware grote met gegrimeerde slachtoffers mij hebben geholpen om de aanblik te verdragen van de vele doden en de zwaar getroffen gewonden. Gezien de verwondingen leidt het geen twijfel: het ging om ‘doorzevende’ bommen, tuigen gevuld met bouten, metalen staven enz. met als enige doel om zoveel mogelijk slachtoffers te maken. Ik stel vast dat de eerste middelen aangekomen zijn (de tweede golf ziekenwagens, ten getale van 5, zal om 8h45 arriveren nvdr)

Rond 8h40 maak ik een eerste bilan op over de radio en vraag aan de CTA Leuven (vlaams) bijkomende medische middelen (ziekenwagens, MUG). Ik bevestig mijn vraag voor verhoging van de medische middelen per telefoon. Gezien de vastgestelde wanverhouding tussen het gebeuren en de middelen ter plaatse nemen terzelfdertijd de Brandweer van Brussel en Vlaams Brabant oost het initiatief om ziekenwagens te sturen waarvan 12 uit Brussel, om de kleine en grote keten te kunnen uitvoeren.

Om 8h50 begeef ik mij naar de VMP (Vooruitgeschoven Medische Post) die in de brandweerkazerne van de luchthaven ingericht is. Er bevinden er zich ongeveer 50 zwaar gekwetsten, schijnbaar lijdzaam, met holle blik.

De ‘Medische directie’ bevestigt mij de noodzaak van een onmiddelijke verhoging van middelen om de grote keten te kunnen starten.

Om 9h beginnen de medische middelen in aantal te arriveren. De slachtoffers blijven tezelfdertijd  toestromen, maar aan een trager tempo dan in het begin.

Om 9h15 – ik ben nog steeds in de VMP – de dispatching laat mij weten van een zware explosie in het metrostation Maalbeek! Ik verlaat onmiddellijk de site om mij naar Brussel te begeven. Ik kom rond 9h40 aan voor het getroffen metrostation dat dicht bij de officiële gebouwen van de EU gelegen is. De officier van dienst ter plaatse bevestigt mij ongeveer 10 doden in het metrostel. Het rampenplan was onmiddellijk na de explosie geactiveerd en de ten laste nemen van slachtoffers stopt. Uit vrees voor een na-aanslag heeft de politie het station doen ontruimen en een groot aantal gekwetsten en getroffenen bevinden zich voor de twee hoofduitgangen (1 en 2 op onderstaande plan, nvdr).

Ik ga naar beneden in het station om poolshoogte te nemen met een onderoffier die aanwezig is op het perron. Samen voeren we een vizuele controle uit. Het is duidelijk dat de kamikaze zijn bommengordel geactveerd heeft in de tweede wagon (van vier) van het metrostel juist op het ogenblik dat dit de tunnel inreed om naar het volgende station te gaan. De betreffende wagon is volledig opengereten. Het dak is zelfs open als een sardineblik! Binnenin liggen een vijftiental overleden slachtoffers op de grond. Opnieuw gaat het hier duidelijk om een ‘doorzevende’ bom. De explosie heeft een vuurbol veroorzaakt en de lichamen vertonen zware brandwonden. Het is duidelijk dat de metrobestuurder het bewijs geleverd heeft van veel koelbloedigheid: na de explosie heeft hij met de spoorwegpolitie geholpen om alle betrokkenen zo snel mogelijk de plaats te doen verlaten.

Om 9h50 na vastgesteld te hebben dat er zich geen enkel slachtoffer meer in het station bevond ben ik terug naar boven gegaan om een bilan op te maken met mijn collega officieren “op het deksel van de wagen” zoals men dat bij de generale staf zegt met behulp van de plannen opgemaakt door de Brusselse brandweer.

Daarna ga ik naar de VMP-beneden (zie plan, nvdr) waar de hulpdiensten bezig zijn zich over de 10 zeer zwaar gewonden te ontfermen die lijden aan zware kwetsuren gekoppeld aan brandwonden.

De hoofd-VMP bevindt zich in het Thon-hotel (ongeveer 100 gekwetsten opgenomen waarvan vijf zwaar gewonden (absoluut dringend)). In principe verkiezen wij om één VMP te installeren maar de configuratie van de plaats laat dat niet toe omwille van de grote niveauverschillen tussen de twee metrouitgangen. We beslissen dus om twee VMP’s open te stellen. Eens de zware gekwetsten geëvacueerd zijn naar verschillende hospitalen brengen we de lichtgekwetsten en betrokkenen per wagen naar de VMP-boven om die van beneden te kunnen sluiten.

Rond 10h15 brengen twee voertuigen van het Rode Kruis een grote hoeveelheid medisch materiaal naar de VMP.

Drie weken naar de gebeurtenissen en met wat afstand heb ik niet de indruk een traumatisme over te houden. Men moet er gepreciceerd worden dat ik hoofdzakelijk een organiserende rol had en dat ik dus niet rechtstreeks slachtoffers heb verzorgd. In ieder geval heb ik de indruk mijn best gedaan te hebben. Naar mijn gevoel is de interventie op alle niveau’s goed verlopen (ziekenwagens, brandweer, medische spoeddienst)

Tot besluit hou ik eraan het feit te onderstrepen dat alle intervenanten een voorbeeldig werk hebben geleverd gedurende deze tragische dag.